Praat geen poep

Het ruikt binnen of we buiten zijn en dan bedoel ik het soort buiten waarvan je zegt, het platteland is een fijne plek om te wonen, maar het moet gezegd, soms is de geur niet te harden.

Op dat soort nare momenten schuift er meestal een groot aantal tracktoren door het landschap. Met grote slangen zijn ze verbonden aan een tank die op gezette tijden gevoed wordt door af en aan rijdende, immense vrachtauto’s, vol , ik zeg het maar gewoon, vol stront.

De aanvoerbuizen kunnen wel honderden meters lang zijn. Om de druk hoog te houden staat er een tractor met draaiende motor tussen. Hoe het verder precies werkt weet ik niet, maar dat geeft niet.  De grote lijnen zie ik duidelijk. Ze slepen achter de meestal blauwe machines aan.

Anyway, Het ruikt binnen of we buiten zijn, maar ik kan geen boer de schuld geven. De mest ligt binnenshuis. We wonen vrij klein kan ik je zeggen, daar past zo’n landbouwvehikel geeneens in. Dus.

Wel een hond en die besloot na het nuttigen van een grote portie kippenpoep, haar maag te ledigen van voor de tuindeuren van de slaapkamer. We moeten haar toch eens leren hoe het schuifmechanisme werkt.

Bij ons is degene die het onheil signaleert vrijgesteld van handelen. Muisman was in dit geval de mazzelaar. “Is dat Lotus die daar barft? “ vroeg hij. Ik keek op en kon vaststellen dat dat inderdaad zo was. We wonen vrij klein, had ik dat al gezegd? Ah, nou, het zij zo, maar ik kon de plek des onheils vanaf de bank in ieder geval goed zien en kwam vervolgens in beweging.

Niet het fijnste klusje van de dag. Mooi dat er ééntje in huis plezier van had gehad. Al was het dan maar voor even. En gelukkig hadden we had ze de na-geur nog.

Foto: Lotus met duistere gedachtes
lotus-kip

Dus dat ben jij!

Vandaag, in onze mooie dorpswinkel , liep ik een buurvrouw tegen het lijf.

Dat is misschien wat te letterlijk geformuleerd. Ik liep naar het broodschap, zij stond voor de zuivel. Om aan (de broodnodige jajaja) voorraad bammetjes te komen moest ik achter haar langs, we raakten elkaar niet.

Dat daar geen misverstanden over ontstaan. Zou ik zo vervelend vinden. Naast godsdienst ligt taal, vooral de geschreven soort, zonder ondersteunende mimiek en klankkleuren, ten grondslag aan veel ellende. Gelukkig is er de smiley, om in tekstjes waarbij ook nog eens het aantal te gebruiken woorden onder spanning staat, het venijn te neutraliseren.

sms-je: Jij vergeet je kont nog eens  ;-)
Iets vileiners ter illustratie schiet me even niet te binnen.

Anyway, ik draaide me om en zei enthousiast “Ha, jij bent mijn buurvrouw hè” en stak een hand uit. “Jij woont daar en daar toch? Nou ik ben die en die en woon zeg maar zo’n beetje schuin tegenover.” Op het platteland is het buren zijn meer dan één en één is twee.

Ah , zei mijn buurvrouw verrast, dan weet ik nu hoe je er uit ziet. Wonen jullie daar met plezier?

Ik zei, ja zeker, met heel veel plezier, al weer zo’n vijftien jaar denk ik.

Moet je nagaan, lachte mijn buurvrouw.

Had ze gelijk in.

Moraal van dit verhaal.

Surrealisme is niet alleen voorbehouden aan de grote stad.

Energie

De zonnepanelen die Muisman samen met de zonnepanelenman op het dak schroefde, 12 stuks en oh oh oh wat doen ze het goed, deden mijn terug-naar-de-natuur-gevoel helemaal opleven.

Op naar het houthok dus, dat zwaar te lijden had onder de enorme expansiedrift van een klimop,  die over meer mogelijkheden beschikte dan zijn naam deed vermoeden.  De plant klom inderdaad, maar niet alleen op, ook tussendoor, overheen, omheen en onderdoor behoorde tot de mogelijkheden, waarbij het ding niet schuwde om kleine tentakeltjes uit te zetten in alles wat daar geschikt voor was. Deuren, muren, kartonnen dozen, aanmaakhoutjes, de stookblokken. Waar het zich niet aan vast kon hechten, bleek een wurgende draai de beste move. Ik zeg, zo’n plant is in te zetten als moordmachine.

Nadat ik de deur van het hok had ontzet,  knipte ik binnen een doorgang van voor naar achter. Op mijn pad kwamen 3 hoedenplanken tevoorschijn van reeds overleden auto’s. Wat kan ik zeggen, ik wissel vaker van vehikel dan van spijkerbroek.

Een grenen kastje van het soort waar ik al een tijdje naar op zoek was op marktplaats, stond sneu te vergaan in een hoekje. Uit de gapende deuropeningen wuifden klimoptakjes me uitdagend tegemoet. Gevalletje gemiste kans.

Behalve tuingereedschap dat ik inmiddels deels opnieuw had aangeschaft ,  lag er ook veel onduidelijke meuk waarvan ik me afvroeg waarom het niet meteen naar de stort gegaan was. Hoeveel zooi kan een mens hebben. Nou, heel veel, maar er wordt aan gewerkt.

Ondertussen werd de klimopstapel hoger en hoger. Had ik niet ergens gelezen dat je met de plant een uitstekend afwasmiddeltje kon maken? Nou, m’n natuurgevoel annex energiepeil was weer wat aan het zakken geslagen na al dat harde werken, dus die gedachte spoelde ik snel weg met een kopje koffie.

Anyway, de blokken voor de houtkachel kwamen uiteindelijk tevoorschijn en daar was het me om te doen geweest. Zonne-energie voor de stroom en de knapperend haardvuur als bijverwarming. Nou nog een windmolentje knutselen.

zonnepanelen

dag 1!